Het landgoed maakt onderdeel uit van een gebied met meerdere landgoederen zoals het direct zuidelijk gelegen De Colckhof, het oostelijk gelegen De Gunne en uiteraard de havezathe Den Alerdinck. Landschappelijk gezien is hier sprake van een landgoederenzone.

Het landgoed Den Alerdinck II ligt ten oosten van Laag Zuthem, de noordzijde wordt begrensd door het Overijssels kanaal, de oostzijde van het landgoed wordt begrensd door de weg Zwolle – Raalte (N35). Het gehele landgoed ligt in de gemeente Raalte. De totale oppervlakte omvat circa 120 hectare, waarvan ongeveer 70 hectare landbouwgrond en 50 hectare bos en natuur. Het landgoed bestaat uit twee delen, een zuidelijk en een noordelijk deel.

Bijzonderheden

Vroeger bijzonder

In de 17e en 18e eeuw stond het gebied bij hevige stormen onder invloed van de Zuiderzee. Als gevolg van de Zuiderzeevloeden van 1784, 1814 en 1825 zette het opgestuwde water van de IJssel en het Zwartewater delen van het landgoed ruim één meter onder water. Bernard J. van Sonsbeek (1772-1858) legde daarom een in 1830 voltooide, 3,6 kilometer lange dijk aan. In 1883 en 1895 keerde deze dijk het water.

Toen de streek in 1837 in waterschapsverband werd opgenomen slaagde Van Sonsbeeck er ondanks de dijkaanleg niet in om aan waterschapslasten te ontkomen. Het zou echter nog 130 jaar duren voordat de dijk definitief haar waterkerende functie verloor. De afsluitdijk in de voormalige Zuiderzee was toen al een feit.


Nu bijzonder

Landgoed Den Alerdinck II is een van de drie 'rood-voor- groenpilots' in Overijssel. Bij 'rood voor groen' worden agrarische bouwwerken gesloopt en vervangen door woningen op een andere plek, om natuurontwikkeling mogelijk te maken.

Geschiedenis

Al in de vijftiende eeuw worden de erven Groot Alerdinck en klein Alerdincker genoemd, respectievelijk in bezit van Willem 't Alerdyng en Alert to Alerding. 

Via erfenis komt het grootse deel van het bezit in 1608 in handen van Geertruid van Armelo, gehuwd met Isaac van Uterwijck tot Heemse. In deze 17e eeuw heeft de ontwikkeling plaatsgevonden van grootgrondbezit tot havezate. In 1797 koop Bernardus Josephus van Sonsbeeck Den Alerdinck waarmee de eerste aanzet tot de tegenwoordige aanleg van de buitenplaats gemaakt wordt. Ook koopt hij de Colckhof, waarna zijn bezit uiteindelijk meer dan 200 hectare omvat.

In 1868 wordt Den Alerdinck na het overlijden van Van Sonsbeeck geveild. Hierbij werd de havezate losgekoppeld van een groot deel van het landgoed. Koper wordt C.W. baron van Dedem. Onder hem werden verschillende gebouwen afgebroken en kreeg het huis waarschijnlijk zijn huidige gedaante. Na zijn dood in 1916 werd het goed geërfd door zijn zoon Godert Willem Theodoor. In 1928 werd het landgoed aangemerkt als landgoed in de zin van de Natuurschoonwet. Na de dood van mr. Godert van Dedem in 1949 wordt het landgoed door diens erfgenamen ondergebracht in de naamloze vennootschap, de "N.V. Landgoed Den Alerdinck" te Heino.

In 1977 werd het huis betrokken door Godert Willem baron van Dedem. Deze maakte nog hetzelfde jaar een aanvang met de restauratie van het huis. Enige maanden voor zijn dood in 1978 werd deze restauratie voltooid.

Na zijn dood werden de bezittingen geleidelijk verkocht. Het huis met park, grachten en tuin kwam in 1983 in bezit van Franciscus M.J. Lurvink. Hij vestigt er de Den Alerdinck Foundation, een ideële organisatie die zich ten doel stelt om betere Oost-West betrekkingen te verwezenlijken. Na verloop van tijd vindt de Den Alerdinck foundation onderdak in Parijs en vanaf maart 1987 is het huis Den Alerdinck te koop.
Op 1 november 1988 wordt het huis betrokken door de familie Koning die tot de dag van vandaag het huis enkele maanden per jaar bewonen.