Het stadje Diepenheim is gezegend met een grote hoeveelheid landgoederen. Warmelo, Nijenhuis, Westerflier en Weldam liggen buiten het 'Stedeke'. Huis Diepenheim ligt tegen de bebouwde kom aan. Een deel van het park is een openbaar wandelbos met fraaie rhododendron partijen.

Het landgoed kent een lange geschiedenis en is sinds 1925 in eigendom van Baron de Vos van Steenwijk en zijn familie. Het landgoed heeft een totale oppervlakte van 180 ha en is vrij toegankelijk voor wandelaars. Op de fraaie slotpoort zijn het wapen van de familie Bentinck en Ittersum met het jaartal 1685 verwerkt.

Geschiedenis

De geschiedenis van de heren van Diepenheim (twee broers) gaat terug tot 1139 wanneer er een schenking van de Bisschop van Utrecht aan de kerk te Oldenzaal plaatsvindt. De broers hadden echter geregeld ruzie met de bisschop van Munster en toen deze met keizer Frederik naar Rome vertrok, vielen ze zijn gebied binnen. Dat hebben ze geweten, want bij terugkomst liet de bisschop zowel huis Diepenheim als het familiekasteel Ahaus vernietigen. Mogelijk stierven alle heren van Diepenheim in de oorlog, wat hun zuster ertoe bracht haar kloosterkleed af te leggen en te trouwen met Hendrik van Dalen. Deze Hendrik herbouwde Diepenheim.

In 1330 werd het vermeld als bezit van de bisschop van Utrecht. Na belegering en gedeeltelijke sloop in 1536 is in 1648 op dezelfde plaats het huidige huis gebouwd, door Bernard Bentinck. In de 17e en 18e eeuw is het nogal gewijzigd en in 1905 is het verbouwd. Van binnen is het in 1928 grondig verbouwd.

Het huis bestaat uit een vierkant gebouw dat tegen een merkwaardige terreinophoging is gebouwd. Voor het huis staat een hoge stenen poort. Bij onderzoek van de kasteelbelt achter het huis is in 1960 gebleken dat de oudste versterking op deze plaats uit een brede ringwal heeft bestaan. Later, omstreeks de 14e eeuw, is hierbinnen een bakstenen kasteel verrezen.