Huis te Breckelenkamp, in het uiterste noordoostelijke deel van Twente kent een veelbewogen geschiedenis. Die begint al rond 1400 waarna het landgoed in korte tijd uitgroeit tot een belangrijke havezate en een belangrijke rol speelt in de Tachtigjarige oorlog.

Het Huis te Breckelenkamp is gelegen in Noordoost Twente, tussen het buurtschap Breklenkamp en het dorp Lattrop in.Het landgoed is ruim 15 hectare groot en bestaat voor de helft uit agrarische gronden

Bijzonderheden

Hoewel het landgoed niet is opengesteld in de zin van een NSW-openstelling, is Huis te Breckelenkamp wel degelijk regelmatig open voor publiek. Deze openstelling geldt voor dagen wanneer er speciale activiteiten op het landgoed te doen zijn, zoals de verschillende concerten en de jaarlijkse picknickrit met historische rijtuigen van de Koets'n Kearls. Daarnaast heeft het landgoed een "Goede doelenplan" waarbij het Huis wordt opengesteld aan verenigingen, gezelschappen of organisaties die activiteiten ontplooien die bij het Huis passen en geen commerciële inslag hebben. Dit zijn er op dit moment ongeveer 10 waaronder de Bachsocieteit, de Talentenschool Oost- Nederland en Ex Arte. Tijdens al deze evenementen zijn ook alle gronden van het Huis toegankelijk voor het publiek, waardoor het landgoed ca. 1500 bezoekers per jaar ontvangt. Daarnaast is er veel toeristische belangstelling. mede door de wandel en fietsroutes die langs het landgoed voeren.

De noord en zuidkant van de plaats voor het Huis, is begrensd door op het oog rechthoekige velden, die in werkelijkheid de vorm van een diabolo hebben voor optimale perspectiefwerking.

De geest van Heloïse, de dochter van de burgemeester die er rond 1830 woonde, wordt nog af en toe rond het Huis gesignaleerd...

De huidige eigenaar heeft een uiterst lezenswaardig boek geschreven over de geschiedenis van het Huis te Breckelenkamp. Zie hiervoor hun eigen website

Geschiedenis

In het begin van de 15e eeuw werd de hoeve "Breckinghem tot Tyhuiss" beleend aan Johan Moerbecke, een telg uit een adellijke familie die zich rond 1400 in Twente vestigde. Deze familie bouwde in de 15e en 16e eeuw rond Ootmarsum omvangrijke bezittingen op. In 1572 bouwden zij op de plaats van het Tyhuiss een havezate die "Het Moerbeckehuss" genoemd werd en de oorsprong is van het huidige Huis te Breckelenkamp. Aan het eind van de 16e eeuw trad Sophia Moerbecke in het huwelijk met Hendrik Bentinck. Hun zoon Everhard Bentinck trouwde met Euphemia van der Marck en werd heer van de Breckelenkamp. De verbouwingen die hij en zijn nageslacht aan het Huis gedaan hebben, legden de grondslag voor het Huis zoals het er nu uitziet.

De Bentincks bleven katholiek en waren tijdens de 80-jarige oorlog tot het vertrek van de Spanjaarden uit Twente in Spaanse dienst. Daarna zocht de familie zijn heil bij het bisdom Münster. Tijdens de oorlogen van de bisschop van Münstertegen de Staten, vervulde Gerard Adolf Bentinck als gecommitteerde van de bisschop een zeer actieve rol en hij bracht het onder de bisschop zelfs enkele jaren tot stadhouder van Overijssel en drost van Vollenhove. In zijn tijd groeide het Huis uit tot een van de grotere huizen van Twente met een oppervlakte van ca 185 hectare en vele boerderijen. Al het omringende land met uitzondering van het Scholtenhof en het erf Maatman en enkele kleine percelen hoorden bij het goed. De unieke bomenlanen die het Huis in het landschap verankerden waren kilometers lang en liepen van de huidige Hoofdstraat tot aan de Dinkel. In de 17e eeuw werd het Huis een belangrijk toevluchtsoord voor de katholieken van Lattrop. Dat was ook weer zo aan het eind van de 18e eeuw, toen Sigismund van Heiden (de beruchte) Drost van Twente was. Het klokje in het open torentje dat toen gebouwd werd, is waarschijnlijk het oudste ijzeren luiklokje in Nederland. Nadat de laatste Bentinck van Breckelenkamp in 1796 overleed, werd het Huis gekocht door Johan Hendrik Zegers. Deze burgemeester van Lage verbouwde en renoveerde het Huis in 1820 en 1844 waarbij het zijn huidige vorm kreeg. Zijn graf en dat van zijn dochter Heloïse Lydia Wilhelmina, die zeer aan het Huis gehecht was en er lange tijd alleen woonde, bevinden zich in de bomenlaan aan de Noordkant van het Huis.

De familie Zegers hield het landgoed in stand zoals het door de familie Moerbecke en in de 17e eeuw door de familie Bentinck was opgebouwd. Bij de dood van Heloïse had het nog zijn volle omvang van 185 hectare. In 1902 werd het Huis publiekelijk verkocht en bleef er nog slechts een Huisperceel van nog geen 4 hectare over. Het Huis raakte in verval en leek omstreeks 1930 onherstelbaar beschadigd, maar werd in 1936 gekocht door familie van Heek en van 1941- 1946 ingrijpend gerestaureerd. Van Heek droeg het Huis over aan de NJHC. In 1978 liet de jeugdherberg een gedeelte van de oude bomenlaan in de noordoosthoek van het terrein kappen en bouwde daar een kleine beheerderswoning. Het Huis verwierf meer dan 40 jaar lang grote bekendheid als jeugdherberg maar hieraan kwam, wegens te hoge onderhoudskosten,in 1991 een eind.

De huidige eigenaar, de familie Wanrooij, kocht het uitgewoonde pand in 1991 en restaureerde gedurende vijf jaar grote delen van het Huis waarbij gebruik gemaakt werd van de oude materialen. Ook werden de zwaar beschadigde 16e-eeuwse schilderingen in de opkamer hersteld. Daarnaast werd in 1993 begonnen met het herstel van het park rond het Huis. De structuur hiervan is een zeldzaam bewaard gebleven voorbeeld van de Hollands- classicistische aanleg. Van 1995 tot 2008 konden ca. 12 hectare weer worden aangekocht, welke tot 1902 nog bij het Huis hoorden. Op een perceel wat van Twickel gekocht is, bevindt zich nog een bewaard gebleven gedeelte van de oude bomenlanenstructuur van ca 200m. In 1995 werd de kapschuur weer opgebouwd, waarna in 1997 de oranjerie met 18e-eeuwse technieken terug gebouwd werd. In 2004 werd de kas Lauricisque in de moestuin geplaatst, waardoor deze in 1892 gebouwde kas inclusief alle inventaris bewaard is gebleven. In 2005 nam de stichting Huis te Breckelenkamp de bibliotheek van het natuurmuseum Natura Docet over en bracht deze unieke collectie onder in de bibliotheek in het oudste gedeelte van het Huis. Om de benodigde ruimte daarvoor te creëren werd het archief, een gedeelte van de bibliotheek en de administratie ondergebracht in de beheerderswoning.